Schoonmakers aller landen, verenigt u!
Kerstgevoel
De zwarte prins
Waarom is een kikker?
Noabers
Gênant met zwemband


Ik heb iets met oerklanken. Ongeciviliseerde kreten van vreugde, verdriet en flauwekul, zoals dieren ze uitstoten kunnen. Taal is me te gepolijst, te bedacht. Alles wat ik zeg is door de gecensureerde koker van mijn hersenen geweest. Oerklanken meen ik. Mijn mond opent zich en een willekeurig geluid geeft zich over aan het luchtruim. Daar heb ik geen zeggenschap over en dat is prettig. Zoiets als dat het leven aan je leeft. Bomen vergaat het op die manier, die groeien ook door zonder coachingstraject. Ik ken geen wilg die denkt: Zal ik wel of niet een post-HBO-opleiding gaan doen?
Oerklanken. Ik weet niet waar ik de mijne uit moet laten. Een hond is gemakkelijker. Amsterdam is er de stad niet voor. Als ik op de Dam iets oers uitstoot, word ik versleten voor idioot. Opgepakt misschien.
Ik wil een wolf zijn in de nacht die de maan aanroept op handen en voeten, ‘AaaaahOooeeeeeeoooee’ huilt en daarna een mok warme anijsmelk neemt. Iedereen zou het moeten doen; buiten wolfje spelen voor het slapengaan. De dag uit je longen roepen. Jezelf geven aan de sterren, en als je goed kijkt knipoogt er altijd wel eentje terug. Dat is gezonder dan Pauw en Witteman kijken in de herhaling, of jezelf aanmelden op een forum over euthanasie onder de naam
Motherfucker.
Heb wel eens ’n Naturjodelweekendworkshop gevolgd in de buurt van Basel. ‘Was machst du hier? Es gibt doch überhaupt keine Bergen in Holland?’ reageerde men. Toch jodelde ik met mijn Twentse wortels iedereen omver. Daar kon geen koebel tegenop. Soms als niemand kijkt, jodel ik. Op momenten dat ik m’n pinpas in de gleuf van een parkeermeter steek. Dat zijn de ultieme jodelogenblikken. Jodelhietie, gevolgd door een vreugdesprongetje als de parkeerkaart uitgeworpen wordt.
Oer is gezond. Samenvallen met je met je premature natuur, niet met je aangeleerde grijns.
Ik fantaseer over de Nederlandse Dag van de Woede, in navolging van Libië. Een soort omgekeerde dodenherkenning; geen stilte, maar lawaai. Dat er op revolutionaire wijze woordeloos geschreeuwd wordt, niet om te beledigen, of om gelijk te halen, maar in het kader van de volksgezondheid. Soms moeten er dingen uit zonder politieke lading.
Alhoewel velen hun eigen emotionele frustraties botvieren onder een politieke noemer. Partij voor de Vrijheid noemt zich zoiets dan. Echte vrijheid is samen gehuld in een knalrode burka door de stad over het trottoir rollen, giechelend en daarna luidkeels het Wilhelmus zingen op de melodie van ‘Zie ginds komt de Stoomboot’. Soms heb ik zin in die dingen. Ik kan niet tegen kaders, tegen lijnen. Mijn vader zei altijd: ‘Niets in de natuur is recht.’ En met twee vlechtjes in mijn haar en een loep struinde ik net zolang door het gras, controleerde ik de sprieten tot ik het tegendeel bewezen had.
Ik wil een wolf zijn in de nacht. Op handen en voeten wil ik wezen, luidkeels en stormachtig. Een wolf die de hemel aanroept en luistert naar het hartverwarmende gloeien van de sterren. Als ik dan goed kijk, knipoogt er altijd wel eentje terug.