Kerstgevoel
De zwarte prins
Waarom is een kikker?
Noabers
Gênant met zwemband
Oer!!


‘Waar is hier euhm…het Wilhelminapark?’ vroeg ik in het centrum van Utrecht aan een wandelend echtpaar van middelbare leeftijd met paraplu. Waarschijnlijk keek ik wanhopig onnozel, want het tweetal schoot onmiddellijk in de lach. Ik schrok. Mijn beroepsdeformatie neemt de laatste tijd ernstige vormen aan. Zelfs als ik op een saaie zondagochtend de weg vraag, ziet men daar de humor nog van in. Dit terzijde.
‘Meid’, antwoordde de man, ‘je loopt honderdtachtig graden de verkeerde kant op.’ Dat verbaasde me niets. Ik ben geen lopend kompas. Met de wetten der navigatie heb ik nooit leren omgaan. Ik wil maar niet erkennen, dat wanneer je ergens links moet wezen, dat je dan ook links moet aanhouden. Ik val onder de zeldzame categorie mens, dat, tegen beter weten in, rechts afslaat, in de hoop links uit te komen. Dat is absoluut avontuurlijk. Maar praktisch is het niet. Ik ben de vleesgeworden omweg. Links en rechts zijn voor mij een soort eeneiige tweeling. Ik kan ze nooit uit elkaar houden.
Iets van deze tragikomische ontsporing moet het echtpaar in mijn ogen gezien hebben. ‘Loop maar met ons mee’, spraken ze vol ontferming. ‘Wij wandelen toch die kant op, of eigenlijk wisten we nog niet waar we heen wilden, maar weten we dat nu!’
Dat is mooi, dacht ik. De lamme en de blinde helpen elkaar voort. Ik ben het doel. Ze zijn de weg. Leuk ook dat op een herfstige zondagochtend de bijbelse taferelen spontaan voorgeschoteld worden. Het stikt er in Utrecht van de kerken, maar de wijsheid ligt gewoon op straat! En zo liep ik naast een wildvreemd, maar vriendelijk echtpaar met paraplu. Ik mocht nog net niet tussen hen in.
‘Wij zijn ook klungels!’ grapte de man. ‘Wij dachten; vandaag is het Open Huizen Dag. Met verse bloemen, zelfgebakken appeltaart en lavendelkussentjes kwamen we aan bij ons leegstaande appartement. Bleek dat het gisteren was!?’
Hij keek zijn vrouw ondeugend aan. Zij lachte hem spottend toe. Beiden beleefden duidelijk plezier aan hun eigen vergissing. Dit beviel me. Menig burger zou zichzelf voor de kop slaan en tot officiële baaldag overgaan. Door zijn schuld, door zijn schuld, door zijn grote schuld. Zonde van de zondag!
Tom en Tom, mijn twee persoonlijke assistenten van middelbare leeftijd brachten me blunderloos en blij naar mijn bestemming. Ik was weliswaar twintig minuten te laat. Maar beter vrolijk te laat, dan knorrig op tijd.